U bent hier

Opening Van Doesburg-Rinsemahuis in Drachten

dinsdag 3 juli 2018 - 12:22

Susan Lammers (r) en Bert Koenders (l) verrichtten de opening van het Van Doesburg-Rinsemahuis. Na de toespraak van Susan Lammers was het woord aan Bert Koenders. Zijn grootouders woonden in het huis naast de museumwoning; hij kende het huis als jongen van negen jaar en vertelde over zijn herinneringen. Foto: Mariel Polman.

Zaterdag 30 juni 2018 vond de officiële opening van het Van Doesburg-Rinsemahuis in Drachten plaats. Ter gelegenheid daarvan hield Susan Lammers, directeur van de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed, een gloedvolle speech.

'Dames en heren, wij zijn al een jaartje of vijf kind aan uw huis. Al vanaf 2013 is de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed actief betrokken bij dit project. Op basis van het eerste kleuronderzoek van het Van Doesburg-Rinsemahuis schreven RCE-onderzoekers Luc Megens en Mariël Polman in samenwerking met het Museum Drachten en het Rijksmuseum een bijdrage voor de internationale conferentie voor kleuronderzoekers, die ze in het voorjaar van 2014 in Stockholm presenteerden en in 2015 publiceerden. Daarna werd het kleuronderzoek uitgevoerd door Lisette Kappers en bleven Polman en Megens actief betrokken bij het project.

Erfgoed van de Moderne Tijd

Hoe kwam dat? De rijksdienst heeft naast de wettelijke taken, waaronder de advisering en onderzoek in de afgelopen jaren ingezet om in een aantal programma’s meer kennis en kunde te ontwikkelen. Een van de projecten is: Erfgoed van de Moderne Tijd, en daar valt  het project De Stijl onder. Bij erfgoed wordt meestal gedacht aan gebouwen en kunst die al eeuwen oud zijn. Maar ook de gebouwen en de kunst uit de 20ste eeuw zijn inmiddels erfgoed. Om dat erfgoed te begrijpen, te behouden, en een plek te geven in de snel wisselende maatschappij van vandaag de dag, is aandacht nodig. Het is een gezamenlijke onderneming, niet alleen de taak van de RCE.

Zoals we in de digitale programmanieuwsbrief vermelden: "Het erfgoed van de Moderne Tijd is kwetsbaar en de waarden ervan zijn nog niet uitgekristalliseerd. In een tijd van een veranderende samenleving en culturele verscheidenheid draagt erfgoed van het recente verleden bij aan een gedeelde identiteit en verdient het de zorg die er bij past. In toenemende mate zijn er ook kansen om erfgoed te ontwikkelen en beter toegankelijk te maken. Om de juiste zorg en de kansen voor het erfgoed van de moderne tijd in Nederland te ondersteunen is kennis nodig.

De Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed heeft daarom het initiatief genomen om samen met haar partners, zoals musea, erfgoedeigenaren, universiteiten en andere onderzoeksinstellingen, een kennisprogramma Erfgoed van de Moderne Tijd te organiseren. Dit programma is in 2015 begonnen en loopt tot en met 2018. Er zijn meer dan tien projecten in ondergebracht voor museale objecten, monumenten en woningbouw van de moderne tijd."

Het programma heeft drie hoofddoelen of thema’s:

  • Materiaal en conservering;
  • Maatschappelijke waarde en gebruik;
  • Perceptie en presentatie.

Het Van Doesburg-Rinsemahuis valt onder de derde groep, maar in feite zijn alle doelen van toepassing. Ik zal dus het huis als voorbeeld nemen om de doelen nader toe te lichten.

Materiaal en conservering
Hierbij is het doel om de deskundigheid te bevorderen over toepassing, veroudering, en onderhoud van materialen uit de moderne tijd. Daarbij kijken we wat de betekenis van het object en daarmee de conserveringspraktijk te ondersteunen.

In het Van Doesburg-Rinsemahuis zijn de oorspronkelijke kleuren naar het ontwerp van Theo van Doesburg en in de uitvoering van de huisschilders onder leiding van architect Cees de Boer het allerbelangrijkste. We hebben daarom alle verflagen onderzocht en behouden. Het houtwerk is niet kaal gehaald, maar de juiste kleuren zijn over de oude verflagen heen geschilderd. In een van de slaapkamers is het oorspronkelijke schilderwerk nog zichtbaar. Dat was mogelijk omdat er in de jaren 1950 nieuwe plafonds waren aangebracht. Die plafonds zijn weggehaald omdat de waarde minder groot was dan de plafonds uit 1921. Het nieuwe schilderwerk is gebaseerd op de schilderspraktijk van de jaren twintig. Er is samengewerkt met kleuronderzoekers, schilders, verffabrikanten en restauratoren. Ook werden studenten van de UvA en de Cibap ingeschakeld zodat zij kennis kregen van de praktijk en van het gedachtengoed van De Stijl. Ook werd er een kleurhistorisch platform aan gewijd, dat hier in Drachten plaatsvond in september 2017.

Maatschappelijke waarde en gebruik
Hierbij is het doel: bijdragen leveren aan de maatschappelijke waardering van erfgoed van de moderne tijd - en daarmee verantwoord gebruik ervan stimuleren.

Dit thema is opgepakt door het Museum Drachten en de stichting Van Doesburg-Rinsemahuis. De RCE heeft medewerking verleend door mee te werken aan de documentaire ‘Krabben aan verf’ en door lezingen over de documentaire te geven en door scholieren uit Drachten te ontvangen in ons kantoor in Amersfoort.

Perceptie en presentatie
Het doel is: inzicht vergroten in de processen die de waarneming beïnvloeden in relatie tot oorspronkelijke óf veranderde verschijningsvorm van erfgoedobjecten van de moderne tijd – en daarmee nieuwe presentatievormen mogelijk maken. Dit is het thema waarin het De Stijl-project is ondergebracht. 

Zoals u weet ontwikkelde een groep kunstenaars en architecten vanaf 1917 een volstrekt nieuwe beeldtaal. Zonder enige versiering, zodat een zuivere harmonie met louter kleur, lijn, vlak en ruimte tot stand kon komen. Zij waren georganiseerd rond het tijdschrift De Stijl. Er is al veel onderzoek verricht naar het werk en de kunstenaars die bij De Stijl-beweging aangesloten waren. Dat gebeurde vanuit een kunsthistorische invalshoek.

Kennis van verflagen

Voor de rijksdienst – en met name de monumentenzorg –  is het belangrijk dat de gebouwen en de kunst behouden blijven. Daarvoor is, behalve de kunsthistorische kennis, vooral technisch onderzoek nodig. Kennis van het gebouw en van de verflagen. Bovendien komen we met kennis van de verflagen meer te weten over de geschiedenis. De rijksdienst had daar al ervaring mee. Eerder heeft de RCE onderzoek gedaan aan de Aubette, ontworpen door onder meer Theo van Doesburg, en het laatste schilderij van Mondriaan, de 'Victory Boogie Woogie' (2006-2011). Ook daarin stonden de kleuren centraal.

De kunsthistorici schrijven dat de huizen in de Papegaaienbuurt al na 2 maanden zijn overschilderd, maar dankzij het kleuronderzoek weten we nu dat dat pas na een jaar is gebeurd. Ook weten we nu dat de mensen heel lang in de kleuren van Theo van Doesburg hebben gewoond. Dat is uitzonderlijk voor de jaren 1920, en dat is nu, 100 jaar later, nog steeds uitzonderlijk. Dat is iets wat je je bijna niet voor kunt stellen. Daarom hechten we belang aan een zo perfect mogelijke reconstructie. En dat is precies wat nu tot stand is gekomen.

Hoera

Vandaag openen we het Van Doesburg-Rinsemahuis en gaan we zien wat Van Doesburg, De Boer en de gebroeders Rinsema voor ogen hadden en tot stand hebben gebracht. Als we het huis straks betreden, worden we onderdeel van het kunstwerk. En dat is precies de bedoeling geweest van de makers.

Ik feliciteer Paulo Martina en Peter Westerhof van harte met dit mooie resultaat! Maar ook natuurlijk mijn eigen medewerkers die de afgelopen jaren vaak meer van Drachten dan van Amersfoort hebben gezien. Met name wil ik hier nog even wederom Mariël Polman en Luc Megens noemen.

Dames en heren, met u hoop ik dat vele Drachtenaren, Friezen en andere Nederlanders kennis zullen nemen van het erfgoed van De Stijl in het algemeen en dat van Theo van Doesburg in het bijzonder. Aan deze bijzondere locatie zal het in ieder geval niet liggen. Dank u wel.'

Reacties